Ga direct naar
Inhoud

Snoepreisjes

Het raakt tijd dat iemand het gewoon durft toe te geven, daarom ga ik het in deze column doen. Ik ben dit jaar in maart een week in Zuid-Afrika geweest, in september een week in IJsland en eind november hoop ik nog een week naar Schotland te gaan. Allemaal voor mijn werk! Als ik dit zeg krullen bij sommige mensen de lippen zich dan tot een meewarig lachje, waarna een vraag volgt als: “Daarom zijn jullie uurtarieven zo hoog zeker?” of “Wat levert dat dan op?” Weer anderen geven het ronduit toe: "Ik zou ook wel zo'n snoepreisje willen!"

Rondom mijn eerste reis in 2007 naar de Verenigde Staten probeerde ik mezelf nog te redden door te zeggen dat we een heel druk programma hadden en heel veel geleerd hebben met elkaar en er goede contacten aan overgehouden hebben. Bij de laatste reizen heb ik dat niet meer gedaan. Omdat ik een beschrijving op internet gelezen heb die mij goed uitkwam: onder een snoepreisje verstaat men een pleziertochtje, dat men in stilte doet. Snoepen moet hier worden opgevat in den zin van iets heimelijk nemen, grijpen, en is in dezen zin synoniem met snappen zodat P.C. Hooft kon spreken van een snapreisje.

Als ik straks met enkele collegae en studenten van de minor Jong Management naar Schotland vertrek, doen we dat dus gewoon in stilte; met de nachtboot. We gaan met negentien studenten op reis, dus zal er ook een behoorlijke voorraad snoep meegaan. Uiteraard is het op de reis niet toegestaan om heimelijk iets uit iemands koffer te nemen. Maar u zult snappen dat ik nu wat om de hete brij heen draai. Ik realiseer me dat dit een flauwe alinea is en wil graag even de diepte in.

Sinds ik buitenlandse ervaring heb mogen opdoen, snap ik sommige dingen beter. Of, anders gezegd, ik kijk wat anders tegen sommige zaken aan. Een belangrijk punt is dat ik er achter gekomen ben dat Nederland niet het middelpunt van deze aardbol is, terwijl ik dat lange tijd wel dacht. Het is bijna shockerend te constateren dat Amerikaanse kinderen niet weten waar Nederland ligt. Ook heb ik gezien dat mijn Nederlandse directheid in andere landen soms wat vraagtekens op de gezichten laat verschijnen. Ik merk dit momenteel ook heel duidelijk tijdens mijn studie aan de Universiteit Antwerpen. Verder is mij in gesprekken met buitenlanders (alleen al de bijklank van dit woord in Nederland) aangetoond dat er meer bestaat dan de Nederlandse systemen en structuren die ik als adviseur aan anderen doorgeef en de onderwerpen die in Nederland belangrijk zijn. Ga ik nu de wijsneus uithangen die ook eens een keer over de grens gekeken heeft of ga ik nu kritiek leveren op mijn vaderland? Zeer zeker niet, maar ik snap sommige dingen nu wat beter.

Na het lezen van deze drie voorbeelden zult u begrijpen dat ik altijd geïnspireerd terugkeer van een nieuw buitenlands avontuur. Want het doet ook iets met mij persoonlijk. Er ontstaat een band met de meereizende collegae die verder strekt dan collegialiteit. Nog één punt wil ik in deze column met u delen. De laatste keer dat we opstegen van Schiphol ontsproot aan mijn brein ineens weer een bijzondere gedachte, die na de landing in Reykjavik weer even boven kwam drijven. “Nu laat ik Nederland met zijn vele kerkgebouwen en evenzoveel verschillende naambordjes op de gevels achter en reis ik naar een land waar deze naambordjes niet voorkomen. Terwijl de God die achter deze naambordjes schuilgaat wél met mij meereist en daar zelfs al op mij wacht.”

In Zuid-Afrika had ik deze ervaring ook; toen we met elkaar lazen uit een Zuid-Afrikaanse Bijbelvertaling uit 1983 onder de donkere sterrenhemel met als achtergrondkoor duizenden krekels die in een machtige symfonie hun Schepper, Die ook de spuitende geisers en machtige watervallen in IJsland creëerde, eerden. Dat maakt mij klein en zorgt ervoor dat ik dingen in een ander perspectief leer plaatsen. Snapt u nu waarom ik wat zat te spelen met de woorden van Hooft? Vooral op het laatste woordje daarvan, wilde ik uw aandacht even richten. Door wat te reizen, snap ik sommige dingen wat beter en kan ik in mijn werk nog veelzijdiger bezig zijn. Ik hoop nog veel snoepreisjes te mogen doen, snapt u?

W.P. (Willem) Poppe, managementadviseur

Labels

«Terug

Share |




Snelkoppelingen
Volg ons op